In Nederland worden de meeste garnalen gevangen met behulp van een sleepnet dat aan beide zijden van de garnalenkotter (vissersboot) over de bodem van de (Wadden)zee wordt getrokken. Deze vismethode wordt de boomkorvisserij genoemd. Een grote ijzeren pijp (boom), meestal tussen de 6 en 9 meter lang, rust aan beide uiteinden op twee sloffen. Aan de achterkant van de boom wordt een fijnmazig net vastgemaakt (deze heeft de vorm van een grote patat-zak). Net voor het net uit rolt een klossenpees over de bodem, deze ketting waar plastic of rubberen ringen op zijn geschoven zorgt ervoor zorgt dat de garnalen opschrikken, omhoog schieten, en in het net terechtkomen. Nadat het net ongeveer 2 uur is voortgetrokken wordt het net opgehaald en wordt de vangst binnenboord getakeld.







